Vergeten bord van €100: ondanks een prijzige herinrichting blijft de snelheid juridisch 50 km/h.

Op deze locatie in Sint-Oedenrode heeft de gemeente de weg de afgelopen jaren heringericht. Alles straalt uit dat automobilisten hier hun snelheid moeten aanpassen. Toch laat Ollandseweg zien hoe belangrijk het is om verkeerskundige maatregelen en verkeersrechtelijke maatregelen niet door elkaar te halen.


Veel weggebruikers denken dat een markering op het wegdek automatisch een verbod of gebod inhoudt. Dat klopt soms, maar niet altijd. In artikel 6 BABW is vastgelegd welke verkeerstekens op het wegdek zelfstandig een gebod of verbod kunnen inhouden.

De verkeerstekens op het wegdek die een gebod of verbod betreffen zijn de verkeerstekens genoemd in artikel 10, tweede lid, artikel 23, eerste lid, onderdeel e en g, artikel 24, eerste lid, onderdeel e, artikel 25, eerste lid, artikel 46, eerste lid, artikel 49, tweede lid en de artikelen 76 tot en met 81 van het RVV 1990.
Andere verkeerstekens op het wegdek kunnen worden aangebracht ter geleiding van het verkeer, ter herinnering aan de ter plaatse geldende maximumsnelheid en ter aanduiding van andere omstandigheden.

Denk bijvoorbeeld aan een doorgetrokken streep die een inhaalverbod betekent of een gele streep die een parkeerverbod aangeeft. Deze markeringen hebben rechtstreeks juridische betekenis.

Bij een maximumsnelheid werkt dat anders. De “30” op het wegdek stelt geen maximumsnelheid vast. Een maximumsnelheid kan uitsluitend worden ingesteld met de daarvoor bestemde verkeersborden, zoals bord H1 of A1. De aanduiding op het wegdek heeft daarbij slechts een ondersteunende functie: een herinnering.

De wegbeheerder investeert tonnen in een nieuwe weginrichting, maar vergeet een verkeersbord van nog geen honderd euro. Juridisch geldt nog steeds 50 km/h. De juridische werkelijkheid wordt bepaald door het goedkoopste onderdeel van het project.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *