Een ruiter, een menner en een ontbrekende geleider

Bij de spoorwegonderdoorgang op de kruising van de Wieksloterweg Oostzijde en de Dolderseweg in Soest hangt een opvallend verkeersbord. Het bord toont een ruiter en een paard met wagen. Dat roept een interessante vraag op: welke categorieën weggebruikers worden hier eigenlijk bedoeld?

Het RVV maakt onderscheid tussen verschillende vormen van verkeer met paarden.
1) Een persoon die een paard berijdt, is een ruiter.
2) Een bestuurder van een door een paard getrokken voertuig is een menner.
3) Daarnaast kent het RVV de geleider van een rij- of trekdier: iemand die naast een paard loopt en het dier aan de hand meeneemt.

De definitie van weggebruikers is:
“weggebruikers: voetgangers, fietsers, bromfietsers, bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, van een motorvoertuig of van een tram, ruiters, geleiders van rij- of trekdieren of vee en bestuurders van een bespannen of onbespannen wagen”

Wat laat het bord zien?
Op het bord in Soest zijn een ruiter en een paard met wagen afgebeeld. Daarmee worden twee categorieën uit het RVV zichtbaar weergegeven: ruiters en menners.

Opvallend is echter welke categorie ontbreekt, de geleider. Het bord toont geen persoon die een paard geleidt. De geleider van een rij- of trekdier komt niet terug in de afbeelding. Juist dat maakt het verkeersbord interessant. Als het de bedoeling was om al het verkeer met paarden uit te sluiten dan was gekozen voor uitsluitend de afbeelding van een paard.
Betekent het huidige bord dat iemand die een paard aan de hand meeneemt hier wel gebruik van mag maken? Ja.

Dit voorbeeld laat zien hoe belangrijk de keuze van symbolen op verkeersborden is. Een klein detail in een afbeelding kan grote invloed hebben op de betekenis van een verkeersmaatregel.

Soms is het interessantste onderdeel van een verkeersbord niet wat erop staat, maar wat er ontbreekt. Tegelijkertijd maakt juist de afbeelding van een ruiter en een paard met wagen duidelijk dat de ontwerper (bewust?) verschillende vormen van paardenverkeer heeft willen onderscheiden.

Deze situatie is getipt door een lezer. Dank namens redactie@rvv1990.nl

Inhalen verboden — tenzij je een tractor bent

Onlangs wees een lezer mij op een bijzonder voorbeeld: het F1‑bord (inhalen verboden) met daaronder een onderbord “uitgezonderd tractoren”.
Met die combinatie ontstaat een opmerkelijke — en waarschijnlijk onbedoelde — verkeersregel: ➡️ Tractoren mogen wél inhalen, maar andere voertuigen mogen géén tractor inhalen.

Of dat echt de bedoeling is? Waarschijnlijk niet. De exacte locatie van dit bord is mij niet bekend, maar het roept wel de vraag op hoe vaak deze constructie elders in Nederland voorkomt. Overigens had het A1 bord onder het F1 bord gemoeten.

Gelukkig laat de gemeente Hollands Kroon in verkeersbesluit GMB‑2024‑282875 zien hoe het wél moet. Daar wordt gebruikgemaakt van een onderbord met de tekst: “Inhalen [pictogram tractor] toegestaan”
— helder, juridisch correct en zonder risico op misinterpretatie.

📍 Zijn er in Nederland nog meer plekken waar het inhaalverbod en het onderbord niet logisch op elkaar aansluiten? Foto’s en locaties zijn welkom!

Uitzonderen was al uitgezonderd is

C6 met overbodige uitzondering. Op de Kleine Wittenburgerstraat in Amsterdam staat een bord C6 (gesloten voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen) met daar onder een onderbord “uitgezonderd fiets”.

Dat onderbord is inhoudelijk onzinnig. Een fiets is immers geen motorvoertuig en valt dus sowieso al buiten de werking van C6. De uitzondering volgt rechtstreeks uit het hoofdteken.

Het onderbord verandert juridisch niets, maar suggereert wel dat fietsen zonder deze toevoeging niet toegestaan zouden zijn. Daarmee introduceert het bord verwarring in plaats van helderheid.

Even aanpassen Melanie van der Horst van de City of Amsterdam ?

UPDATE 16-05-2026: Amsterdam heeft de bebording aangepast n.a.v. dit artikel

Vergeten bord van €100: ondanks een prijzige herinrichting blijft de snelheid juridisch 50 km/h.

Op deze locatie in Sint-Oedenrode heeft de gemeente de weg de afgelopen jaren heringericht. Alles straalt uit dat automobilisten hier hun snelheid moeten aanpassen. Toch laat Ollandseweg zien hoe belangrijk het is om verkeerskundige maatregelen en verkeersrechtelijke maatregelen niet door elkaar te halen.


Veel weggebruikers denken dat een markering op het wegdek automatisch een verbod of gebod inhoudt. Dat klopt soms, maar niet altijd. In artikel 6 BABW is vastgelegd welke verkeerstekens op het wegdek zelfstandig een gebod of verbod kunnen inhouden.

De verkeerstekens op het wegdek die een gebod of verbod betreffen zijn de verkeerstekens genoemd in artikel 10, tweede lid, artikel 23, eerste lid, onderdeel e en g, artikel 24, eerste lid, onderdeel e, artikel 25, eerste lid, artikel 46, eerste lid, artikel 49, tweede lid en de artikelen 76 tot en met 81 van het RVV 1990.
Andere verkeerstekens op het wegdek kunnen worden aangebracht ter geleiding van het verkeer, ter herinnering aan de ter plaatse geldende maximumsnelheid en ter aanduiding van andere omstandigheden.

Denk bijvoorbeeld aan een doorgetrokken streep die een inhaalverbod betekent of een gele streep die een parkeerverbod aangeeft. Deze markeringen hebben rechtstreeks juridische betekenis.

Bij een maximumsnelheid werkt dat anders. De “30” op het wegdek stelt geen maximumsnelheid vast. Een maximumsnelheid kan uitsluitend worden ingesteld met de daarvoor bestemde verkeersborden, zoals bord H1 of A1. De aanduiding op het wegdek heeft daarbij slechts een ondersteunende functie: een herinnering.

De wegbeheerder investeert tonnen in een nieuwe weginrichting, maar vergeet een verkeersbord van nog geen honderd euro. Juridisch geldt nog steeds 50 km/h. De juridische werkelijkheid wordt bepaald door het goedkoopste onderdeel van het project.

Met 29 ton legaal over de Merwedebrug

Vrachtwagenverboden worden vaak gebruikt om zware voertuigen te weren. Juridisch gezien is het daar geen sluitend instrument voor. Wie alle zware voertuigen wil verbieden, kiest voor het het juiste instrument: de gewichtsbeperking (C21). Regelmatig wordt een vrachtverbod ingezet om zwaar verkeer te weren, maar een vrachtwagenverbod richt zich juridisch niet op gewicht. Het richt zich op een voertuigcategorie in combinatie met toegestaan gewicht. Dat leidt soms tot opmerkelijke situaties. Op de foto hieronder staat een voertuig dat de meeste weggebruikers waarschijnlijk als ‘vrachtwagen’ zullen bestempelen.

Article content
Ruimte voor 5 paarden

Toch is het uiterlijk of het aantal ’ton’ niet bepalend voor de vraag of een voertuig een vrachtauto is. Het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 geeft de volgende definitie:

Vrachtauto: motorvoertuig, niet ingericht voor het vervoer van personen, waarvan de toegestane maximummassa meer bedraagt dan 3.500 kg.

En een autobus is volgens het RVV:

motorvoertuig, ingericht voor het vervoer van meer dan acht personen, de bestuurder daaronder niet begrepen.

De RDW heeft dit voertuig beoordeeld en daarbij allereerst het aantal zitplaatsen geteld. Dat aantal was lager dan negen, waardoor dit geen ‘autobus’ is. Daarna is de volgende vraag gesteld: “is het niet ingericht voor het vervoer van personen“?

De RDW concludeerde dat het voertuig niet “niet ingericht voor het vervoer van personen” is. En daarom registreerde de RDW het voertuig met kenteken GHR-20-S als ‘personenauto’:

Article content
De RDW kenteken check voor GHR-20-S

Juridisch gezien heeft de RDW dit voertuig dus geclassificeerd als personenauto, met als inrichting ‘kampeerwagen’.

Article content
De RDW kenteken check voor GHR-20-S, onderdeel gewichten

Een laadvermogen van 11 ton, genoeg voor het vervoer van 5 paarden. Een toegestane max. massa voertuig van maar liefst 29 ton. Die gewichten zijn echter niet relevant voor het vrachtverbod in deze.

In Nederland rijden er enkele duizenden personenauto’s rond met een toegestane maximummassa van meer dan 3.500. Het gaat daarbij vooral om kampeerwagens en ambulances. Dat zijn voertuigen die qua gewicht vaak in dezelfde orde van grootte zitten als vrachtauto’s, maar juridisch tot de categorie ‘personenauto’ behoren. De Scania op de foto is daarbij een extreem voorbeeld. Uit het openbare RDW register blijkt dat deze personenauto zelfs de hoogste toegestane maximummassa heeft van alle geregistreerde personenauto’s.

Als het doel is om vrachtverkeer te weren vanwege de leefbaarheid, dan is een vrachtwagenverbod meestal een effectief instrument. Hiermee wordt meer dan 99% van de voertuigen zwaarder dan 3.5 ton toegestaan geweerd. Wanneer het doel is om 100% van de zware voertuigen te verbieden, dan voldoet een vracht-busverbod echter niet. De Scania-kampeerwagen laat zien dat wat eruitziet als een vrachtwagen, juridisch een personenauto is. Een vrachtwagen- en autobusverbod is niet hetzelfde als een gewichtsbeperking van 3,5 ton. Wil je als wegbeheerder werkelijk al het zware verkeer verbieden? Gebruik dan altijd de gewichtsbeperking.

Article content
Uit de advertentie op https://sporthorses.nl

Voor ondernemers die dagelijks ver moeten omrijden vanwege het vrachtwagenverbod op de Merwedebrug is er overigens goed nieuws: de zwaarste personenauto van Nederland met een laadvermogen van ruim 11 ton (goed voor vijf paarden) staat toevallig te koop op https://sporthorses.nl met advertentie # 10126620 met als titel ‘SCANIA TORPEDO T360 Nieuwstaat!’.

Dit voorbeeld is nadrukkelijk geen oproep aan ondernemers om de grenzen van de regelgeving op te zoeken. Het is een oproep aan wegbeheerders om zich in die grenzen te verdiepen, zodat zij het juiste instrument kunnen kiezen voordat ondernemers dat doen.

Geen bord, geen boete

Een automobilist rijdt 12 km/u te hard waar 50 km/u geldt. De meting klopt, de snelheid staat vast… en toch wordt de boete vernietigd.

In Amersfoort, op de Barchman Wuytierslaan, draaide het namelijk niet om de snelheid zelf, maar om iets fundamentelers: kon worden aangetoond dat de bebouwde kom correct was aangeduid? Dat bleek niet het geval. En zonder dat bewijs vervalt uiteindelijk ook de overtreding.
🔗 https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:1639

ontbrekend bord

Bij de uitspraak kon niet met zekerheid worden vastgesteld of het bord er op die dag stond. Bij Regelmatig vreemde verkeerstekens zien we dat dit probleem nog een stap verder gaat: borden ontbreken soms jarenlang.

Neem bijvoorbeeld de situatie in Amsterdam op de A10 tussen de Zeeburgertunnel en afslag 15 naar de Zuiderzeeweg (s115). Op Streetview-beelden uit 2015 is daar nog een bebouwde-kom-bord te zien. Deze lijkt in ieder geval sinds 2019 te ontbreken — dus al 7 jaar.

Wat resteert is een route waarop je de stad in rijdt zonder dat duidelijk wordt aangegeven dat je de bebouwde kom passeert.

Hoe vind je dit soort situaties? Twee jaar geleden bracht het NDW dit in beeld met een landelijke “bebouwde kom check”. Een inmiddels verouderd overzicht, en zeker niet foutloos, maar nog steeds zeer bruikbaar om potentiële gaten te vinden zoals bovenstaande voorbeeld.

🗺️ Kaart
🔗 Achtergrond

🔍 Oproep aan wegbeheerders:
Check je bebouwde kom op gaten! Zorg dat je bebording op orde is, voordat de rechter ook in jouw gemeente boetes verscheurt — en automobilisten hun gelijk halen.

Het omgekeerde bereiken van beoogd

Twee keer hetzelfde bord.
Twee keer dezelfde pictogrammen.
Eén woord minder.
Een totaal andere juridische betekenis.

Links op de foto: Op het onderbord staan uitsluitend symbolen. Volgens artikel 67 lid 1 onder b RVV 1990 geldt het C2‑bord dan alleen voor de afgebeelde weggebruikers.
“Ingeval op een onderbord uitsluitend symbolen voorkomen, geldt het verkeersbord slechts voor de aldus aangeduide weggebruikers.”
👉 Auto’s mogen rechtdoor; het inrijverbod geldt alleen voor fietsers en bromfietsers.

Rechts op de foto: Het onderbord bevat dezelfde symbolen, maar nu mét het woord “uitgezonderd”. Volgens artikel 67 lid 1 onder c RVV 1990 geldt het verkeersbord dan juist niet voor de afgebeelde weggebruikers.
👉 Het inrijverbod geldt hier voor iedereen, behalve voor fietsers en bromfietsers.
“Ingeval op een onderbord het woord ‘uitgezonderd’ in combinatie met symbolen voorkomt, geldt het verkeersbord niet voor de aldus aangeduide weggebruikers.”

Artikel 67 RVV 1990

  • 1 Onder verkeersborden aangebrachte onderborden kunnen inhouden:
    • a. een nadere uitleg van het verkeersbord;
    • b. ingeval op een onderbord uitsluitend symbolen voorkomen: het verkeersbord geldt slechts voor de aldus aangeduide weggebruikers of het aldus aangeduide verkeersgedrag;
    • c. ingeval op een onderbord het woord “uitgezonderd” in combinatie met symbolen voorkomt: het verkeersbord geldt niet voor de aldus aangeduide weggebruikers of het aldus aangeduide verkeersgedrag.
  • 2 Indien het beoogde verkeersgedrag wordt aangegeven door middel van teksten of tekens al dan niet in combinatie met symbolen, blijkt het beoogde verkeersgedrag uit het onderbord.
  • 3 Symbolen op onderborden hebben dezelfde betekenis als die welke in bijlage 1 zijn opgenomen.

Onderborden zijn juridisch precies.
Ontwerp ze dus zoals je ze bedoelt.
Eén woord kan alles veranderen.

Credits aan Sibren

Schoolstraat‑bord Westmallepad: meer breinbreker dan verkeersteken en niet conform verkeersbesluit

Aan het Westmallepad in City of Amsterdam staat onder een C6‑bord het volgende onderbord (volgens het verkeersbesluit):
“ma t/m vr
8.15–8.45 h
ma, di, do en vr
14.15–14.45 h
wo 11.45–12.15 h”
met daaronder:
“schoolstraat”

Het bord probeert drie verschillende tijdvakken en twee daggroepen weer te geven, met afwijkende woensdagtijden. Dat maakt het bord inhoudelijk én typografisch complex.

Afwijkingen van de CROW‑norm
De CROW‑richtlijn voor onderborden is zeer precies. Het bord aan het Westmallepad wijkt op meerdere punten af:
1. Tijdnotatie niet volgens de CROW-norm
gebruik van ‘h’ als internationale tijdseenheid
hele uren: 7–14 h (dus geen 7:00–14:00)
halve uren: 7.30–18.00 h
minuten zijn 75% van de lettergrootte van de uren
werkingsduur in veelvouden van een half uur

2. Te veel informatie voor een onderbord
Een onderbord moet kort, eenduidig en direct begrijpelijk zijn.
Dit bord bevat:
drie tijdvakken
twee daggroepen
afwijkende woensdagtijden

4. Onduidelijke plaatsing van “schoolstraat”
De term staat als losse tekst onder een reeks tijdvakken.
De norm staat functionele aanduidingen toe, maar niet als onduidelijke toevoeging onder een complex schema.

In het verkeersbesluit voor het Westmallepad (https://lnkd.in/exvJUi7k) staat dat:
de gemeente Amsterdam een ontwerp voor de schoolstraat heeft gemaakt;
dit ontwerp op 1 april 2025 is besproken met het Toetsteam Openbare Ruimte & Mobiliteit;
het Toetsteam hierover heeft geadviseerd (wat het advies was blijkt niet);
er overleg is geweest met een gemandateerde van de politie, eenheid Amsterdam, maar ook het politie‑advies wordt niet gespecificeerd.

Het blijft daarmee opmerkelijk dat zowel het Toetsteam als de politie dit onderbord kennelijk acceptabel vonden, terwijl het aantoonbaar niet voldoet aan de CROW‑normen voor tijdsaanduiding, typografie en leesbaarheid.

Dat betekent dat zowel het Toetsteam als de politie dit onderbord hebben gezien, beoordeeld en acceptabel vonden. Dat is opvallend, want juist deze instanties moeten bewaken dat verkeerstekens volgens de landelijke CROW‑norm worden uitgevoerd.

En als klap op de vuurpijl: de tijden in het verkeersbesluiten (ondertekend door Alieke Hordijk namens Melanie van der Horst) wijken ook nog eens af van de tijden op het fysieke bord.